Staatssecretaris Bleker van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) is bereid een convenant over ritueel slachten op te stellen met betrokken religieuze organisaties, vertegenwoordigers van de slachthuizen, dierenartsen, wetenschap en non-gouvernementele organisaties. De huidige Gezondheids- en welzijnswet voor dieren alsook straks de Wet dieren bieden een wettelijke basis om via Algemene maatregel van bestuur tot een wettelijke borging van de in een covenant gemaakte afspraken te komen. Wanneer er een convenant komt is Bleker ook bereid permanent toezicht te realiseren op middelgrote en kleine slachterijen. Dat schrijft hij aan de Tweede Kamer.
Bij de invulling van het convenant kan volgens Bleker worden gedacht aan de volgende opties:
1. Kwaliteitseisen aan slachthuizen
Vanaf 1 januari 2013 gelden op grond van de Europese Verordening inzake de bescherming van dieren bij het doden aanvullende regels voor indeling, bouw en apparatuur van slachthuizen. Onder meer zullen slachthuizen moeten kunnen aangeven het maximum aantal dieren per uur voor elke slachtlijn; de categorie, leeftijd en gewichtsklasse van dieren waarvoor de beschikbare fixatie en bedwelmingsapparatuur gebruikt mag worden en de maximale capaciteit van de opvangruimte voor dieren van het slachthuis. De NVWA zal toezicht houden op de naleving van deze eisen. In het overleg kan nader kan worden bezien of deze regels voldoende zijn.
2. Verbetering van de behandeling van dieren tijdens het slachtproces
De bewustzijnsperiode na de halssnede verschilt per diersoort en duurt het langst bij runderen. Om deze bewustzijnsperiode zoveel mogelijk te verkorten, zouden afspraken kunnen worden gemaakt over de maximale periode dat een dier bij bewustzijn mag zijn na de halssnede. Bij overschrijding van die periode zou bijvoorbeeld noodbedwelming kunnen worden geïntroduceerd. In dit kader is het vanaf 1 januari 2013 in de EU verplicht om het bewustzijn te testen. Het komt ook voor dat teveel halssnedes moeten worden gedaan. Daarom zouden afspraken kunnen worden gemaakt over het aantal noodzakelijke halssnedes. Ook kunnen afspraken worden gemaakt over de aan te voeren dieren. Er kan onderscheid worden gemaakt naar type dier, soort ras, gewichtsklasse en leeftijd. Het in een kantelbox kantelen van een dier op zijn rug of tot een zijligging levert erg veel stress en aantasting van het dierenwelzijn op. Daarom ligt bij de fixatiemethode staande fixatie in de rede. Fixatie zou dan pas moeten worden opgeheven als het dier het bewustzijn heeft verloren.
3. Opleidingseisen slachtpersoneel
Vanaf 1 januari 2013 is de Europese verordening doden van dieren van kracht, waardoor in de gehele EU strengere eisen gelden aan de vakbekwaamheid van slachters, onafhankelijk van de vraag of bedwelmd of onbedwelmd wordt geslacht. In het convenant zouden mogelijke hogere eisen dan nu al in de EU worden gesteld, kunnen worden afgesproken.
4. Behoefte
In een convenant kunnen afspraken worden gemaakt over de specifieke behoefte van onderscheiden geloofsgemeenschappen of deelgroepen binnen deze geloofsgemeenschappen voor te slachten dieren, ook over specifieke eisen waaraan het vlees zou moeten voldoen.
5. Certificering
In een convenant kunnen partijen ook afspraken maken over een privaat certificeringsysteem dat waarborgen biedt voor kwaliteitseisen en welzijnseisen voor vlees afkomstig van dieren die onbedwelmd zijn geslacht.
Bleker acht met het oog op een convenant een meerjarig onderzoeksprogramma voor verbetering van dodingsmethoden en het dierenwelzijn van groot belang. Hij is bereid daar samen met het bedrijfsleven zo’n programma op te zetten en daarvoor middelen vrij te maken. Een veterinaire commissie onder leiding van de voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde, prof. dr. Ludo Hellebrekers, zou dit programma kunnen begeleiden. Deze commissie zou dan ook kunnen adviseren over de totstandkoming en uitvoering van het convenant.
bron: Ministerie van EL&I. 27/01/12
Copyright ©2012 AgriHolland B.V.




